'Mijn plicht om vluchtelingen te helpen'

H'VELD-G'DAM Vorige week kreeg Paul Letterie een telefoontje van een ambtenaar uit Dordrecht met de boodschap dat hij niet meer welkom is bij de noodopvang, waar hij de afgelopen vier weken Nederlands gaf aan de 120 Syriërs die daar verblijven. Hij had namelijk een journalist meegenomen om het verhaal van een Syrische vrouw te vertellen, van wie haar man in een azc in Den Helder verblijft. Zij kreeg tijdens haar reis een miskraam en werd in Dordrecht geplaatst. Het stel kan elkaar niet zien, omdat haar man eerder naar Nederland is gekomen en verder in zijn procedure zit. Zoiets maakt Letterie 'ontzettend pissig'. ,,Ik wist best dat journalisten niet toegelaten mochten worden, maar het ging mij om die vrouw. Soms moeten de randen van het toelaatbare worden opgezocht.''

door Ward den Besten

t@Warddenbesten

,,Het zijn van die stomme regels die haar ervan weerhouden haar man te zien'', legt Letterie zijn handelen uit. ,,Je moet dan doen waarvan je denkt dat rechtschapen is.'' Niet dat de oud-wethouder het iets uitmaakt dat hij nu niet meer welkom is. Afgelopen maandag vertrok de groep Syriërs namelijk naar een nieuwe opvanglocatie in Nederland. Letterie weet niet waarheen.

De bevlogen Letterie vindt het zijn christelijke plicht om vluchtelingen te helpen. ,,In de Bijbel staat meerdere keren: 'hier ben ik' en dat je moet 'geven'.'' Ook als hij niet christelijk was geweest had hij zich hard gemaakt voor vluchtelingen. ,,Wij hebben namelijk een traditie in geven'', zegt de geboren Rotterdammer over zijn opvoeding. ,,In Rotterdam-Zuid was het bijvoorbeeld heel gewoon dat mijn moeder soep bij de buren bracht.'' En afgezien van zijn morele beweegredenen, vindt Letterie het 'gewoon ontiegelijk leuk' om te doen.

De vier weken dat hij lesgaf, heeft ook hem veel geleerd. 'Ik leer van hen hoe goed het in Hardinxveld is', schrijft hij in een van zijn stukjes, die hij na elke les op de site van het Kompas plaatste. ,,Wij bidden hier: Geef ons heden ons dagelijks brood. Stel dat je inderdaad alleen maar je dagelijks brood zou krijgen. Dan zeg je toch: krijg de tering man! Moet je me koelkast nu eens zien. Maar die mensen in de opvang weten wat het echt betekent om alleen dagelijks brood te ontvangen.''

Bij de noodopvang heeft hij verschillende mensen leren kennen en veel warme mensen ontmoet. Het leed van de vluchtelingen raakt hem diep, zoals de vrouw die haar man niet kan zien. Ook de andere hulpverleners waren volgens Letterie stuk voor stuk warme mensen. ,,Met instellingen als het Rode Kruis, die bijvoorbeeld familieleden opsporen, zijn we echt goed bezig.'' Toch blijft Letterie kritisch en kan er volgens hem nog veel meer voor vluchtelingen gebeuren. ,,Er kan nog wel een tandje bij.''

Zo ook in Hardinxveld, waar hij het verdacht stil vindt rond noodopvang. ,,Het beleid is hier te bot en te mager als het alleen gaat om het huisvesten van vergunninghouders. Ik had meer inzet van het college verwacht in het vinden van noodopvanglocaties. Gemeentes moeten daarin de randjes van de wetgeving opzoeken'', stelt Letterie. ,,Eigenlijk zou ik het oud-burgemeestershuis moeten kraken en openstellen voor vluchtelingen'', voegt hij er gekscherend aan toe. Al klinkt door het idee ook een serieuze toon heen.

Iemand die wel die randen volgens hem opzoekt, is de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb. ,,Hij durft zijn nek uit te steken. En vertelt mensen dat je, ongeacht je geloof, respect moet hebben voor elkaar.'' Zo veel waardering als Letterie heeft voor Aboutaleb, zo weinig waardering kan hij opbrengen voor mensen die niets moeten hebben van vluchtelingen. ,,Mensen die we in Steenbergen zagen blèren, moeten we het stemrecht ontzeggen. Ik word daar namelijk goed gallisch ziek van.''

Nu de 120 Syriërs uit Dordrecht zijn vertrokken, betekent niet dat de vluchtelingenhulp voor Letterie ophoudt. Hij heeft de ambtenaar in ieder geval laten weten dat hij zich de volgende keer weer inschrijft als vrijwilliger. Dat mocht, was de reactie.