'Molenaar ben je voor het leven'

H'VELD-G'DAM ,,Soms, als er veel wind staat, kraakt het zo hard dat je het gevoel hebt dat de molen wordt vermorzeld. Dat de kap en de wieken zo kunnen afbreken. Je doet dan 's nachts geen oog dicht, maar toch hoor ik dat duizend keer liever dan wanneer je wakker schiet omdat er ergens in de buurt keiharde rockmuziek uit de speakers schalt." Jaap Hooghwerff, opgegroeid in Strijen in de Hoeksche waard, geniet van het molenaarsbestaan in Hardinxveld-Giessendam. Sinds 2002 is de Tiendwegse Molen op de grens met Giessen-Oudekerk zijn domicilie.

door Erik de Bruin

t @erikdebruin78

,,Onze brievenbus staat in Giessen-Oudekerk", lacht Arna, zijn vrouw. ,,Aan het eind van dit polderweggetje (waar je met de auto net overheen kan rijden, red.), 600 meter verderop." Jaap: ,,Zover moesten de brandweerlieden met hun slangen lopen toen er begin oktober op een maandagavond brand uitbrak. In het bovenhuis. De rattenval waar de rook van de schoorsteen in uitkomt, zat vol vuur. Allemaal gloeiende kolen. Gelukkig was de brandweer er razendsnel bij, anders was het niet zo goed afgelopen." Toch moesten Arna en Jaap een paar weken elders doorbrengen. ,,Ik had drie poederblussers gebruikt om het vuur, dat telkens aanwakkerde, te doven. Via de kachelpijp is dat zoutige spul beneden in de woonkamer terechtgekomen. Het zal helemaal onder. We moesten alles weghalen. De reden dat er overal verhuisdozen staan, is dat we nu alle meubelen, boeken en dergelijke weer aan het terugplaatsen zijn."

'Midden in de polder'

,,Je zou het een geluk bij een ongeluk kunnen noemen want het gaf ons de gelegenheid de woonkamer eens goed aan te pakken met een nieuwe vloer, behang en verf. Hierdoor is het echt iets van ons samen geworden." Arna nam drie jaar geleden haar intrek in de poldermolen, waar Jaap, waarmee ze net in het huwelijksbootje was gestapt, al tien jaar woonde. ,,Wat voor Jaap een passie en een werktuig is waar hij voortdurend aan sleutelt, is voor mij een gewone woonruimte. Met ongemakken, waar je aan gewend raakt. In het begin stootte ik voortdurend m'n hoofd. Natuurlijk voelt het wel bijzonder. Ik geniet net als Jaap van de stilte, de vrijheid en het weidse uitzicht. Je zit midden in de polder. Als er een nieuw jaargetijde aanbreekt, merk je dat meteen."

Rijke historie

'Flexibel zijn, vooruit denken, rekening houden met het weer', dat zijn, zo somt Jaap op, de belangrijkste eigenschappen om als molenaar een prettig bestaan te leiden. ,,Je bent op elkaar aangewezen en moet goed alleen kunnen zijn. In deze tijd van het jaar zie je niemand, behalve mensen die de polder ingaan om hun hond uit te laten. In maart, als het voorjaar begint, start het wandelseizoen." Arna: ,,Ook aan het begin van de herfst, als het nog vrij zacht is en het 's avonds niet meteen donker wordt, komen er regelmatig wandelaars voorbij." ,,Bij inwoners van Hardinxveld die hier langs lopen, merk je dat ze best een beetje trots zijn", haakt Jaap weer in. ,,Het is de enige molen in het dorp. Met, zoals elke molen, een rijke historie. Op deze plek stond al in de middeleeuwen een voorganger om de polders droog te houden en het water naar Kinderdijk te malen. Deze molen stond aanvankelijk in de Grotewaard in Noordeloos. Toen die door een diesel- of stoomgemaal overbodig werd en de molen in de polder van Giessen-Oudekerk verloren ging door een schoorsteenbrand (dat gebeurde in 1906), werd de molen daar afgebroken en hier weer opgebouwd. Sommige onderdelen zijn eeuwenoud. In één van de balken staat bijvoorbeeld een inscriptie uit 1774."

'Bewoonbaar maken'

In de afgelopen eeuw hebben maar een handjevol molenaars zorggedragen voor de Tiendwegse Molen. ,,Wim van Iersel, van wie ik het stokje heb overgenomen, heeft dat liefst dertig jaar gedaan en Frans Vogel zelfs een halve eeuw." Hij is zelf ook al aardig op weg. ,,Ik ben in 1998, nadat ik net mijn opleiding had afgerond bij Het Gilde van Vrijwillige Molenaars, de molen gaan bemalen. In 2002 ben ik hier naartoe verhuisd." In vier jaar tijd had Jaap, die van beroep zelfstandig timmeraar is, van alles gebouwd om het monument bewoonbaar te maken. ,,Eerst een bedstee zodat ik af een toe een nachtje in de molen kon slapen, daarna een woonkamer waardoor het mogelijk werd om tussen het klussen door even te ontspannen en van lieverlee ook een badkamer en een keuken. Van een deel van de schuur achter de molen is een serre gemaakt."

'Aangestoken'

De Tiendwegse Molen is een museumstuk in de open lucht. ,,Cultuur-historisch erfgoed. Als ik de wieken laat draaien, is dat in feite voor de sier. Maar vergis je niet, hé ... deze oude baas piept en kraakt, maar kan nog met gemak de hele polder leegbrullen. Vroeger bemaalde ik de molen bij alle winden. Ik was dag en nacht actief. Dat fanatisme is geluwd. Als je samenwoont kan je natuurlijk ook niet constant met je hobby bezig zijn. Echter, ik maal nog wel elke zaterdag. Als dat een keer niet kan omdat het bijvoorbeeld windstil is, voel ik me niet op m'n gemak." Hij lacht. ,,Ik ben besmet met het molenaarsvirus, dat nooit meer uit het lichaam verdwijnt. Molenaar ben je voor het leven. Wat het precies is, weet ik niet, maar ik weet wel hoe het is begonnen. Een vroegere collega - we werkten samen in een orgelbouwbedrijf- heeft me aangestoken. Hij was molenaar in Kinderdijk en vertelde elke maandagmorgen de mooiste verhalen. Dat wilde ik een keer met eigen ogen zien. Vandaar dat ik op een zaterdagmorgen op de brommer stapte en vanuit Strijen naar Kinderdijk reed. Na die dag was ik kind aan huis. Wim (zijn collega, red.) had een liesbreuk en kreeg het daardoor niet voor elkaar om de molen zelfstandig aan de gang te slingeren. Hij gooide mij in het diepe. Nadat ik, zijn instructies volgend, dat enorme geval (als je bij de wieken staat maakt dat nog steeds een overweldigende indruk, zeker in het donker) in beweging had gekregen, was ik betoverd. Ik was helemaal verkocht."

Fotobijschrift: Het molenaarsechtpaar geniet in de polder van Giessen-Oudekerk, op Hardinxvelds grondgebied, dagelijks van de stilte, de vrijheid en het weidse uitzicht.